De beide essays - Muße und Kult en Was heißt Philosophieren?
- die in dit boek in vertaling zijn opgenomen, zijn onafhankelijk van elkaar
verschenen in het Duitsland van net na de Tweede Wereldoorlog en zijn zowel
bij onze oosterburen als in de Angelsaksische wereld beroemd geworden.
De essays horen bij elkaar omdat ze beide aan dezelfde grondgedachte zijn
ontsproten: de bestaansvoorwaarde van cultuur is gelegen, niet in de ingespannen
werkzaamheid, maar in de rust.
De rust is een gelaten ontvankelijk-zijn voor waarheid en werkelijkheid.
Deze beschouwelijkheid is in de moderne wereld in het gedrang geraakt.
In ons alledaagse bestaan verschijnen de dingen en de ander slechts als
grondstof voor ons handelen. Het leven wordt beheerst door de bedrijvigheid;
alsof het niet ook een eigen waarde heeft.
De moderne arbeidswereld houdt staat zelfs geen rustdag meer toe. Zelfs
de vrije tijd is er slechts nog om besteed te worden, zelfs de natuur (de
schepping) is nog slechts ter recreatie. Het hervinden van de rust kan
niet worden bewerkstelligd. Het is primair een gratuit gegeven. De ontvankelijkheid
voor het geheim van de werkelijkheid is verbonden met de religieuze ervaring
zoals die in de viering en het feest gestalte krijgt.
Dit is Josef Piepers dringende cultuurkritische boodschap, die nu zelfs
actueler is dan op het moment dat hij zijn werk schreef.
Josef Pieper (1904-1997) heeft in zijn lange leven in een hele reeks
fraaie, kleine boeken, het denken van Thomas van Aquino vertaald voor onze
tijd. In het buitenland is hij zeer bekend. In Nederland is hij tot nog
toe volkomen genegeerd. Met deze vertaling komt daar verandering in.
Vertaler en inleiding: Timo Slootweg
Redactie: George Harinck, Andreas Kinneging, Robert Lemm
en Martin Ros
Pieper, J., Rust en beschaving bij voorbaat Prijs Euro 16.95
|
Bij u in huis op: woensdag
|
| Andere titels binnen de rubriek: |
| Filosofie algemeen
|